Zuidwest-Australië: een rondje meesterlijke isolatie

Scroll naar beneden

Van Perth naar Perth: een roadtrip in wijzerzin via een vleugje outback, een ruige surfkustlijn, een befaamde wijnregio en de meest sexy badplaats van West-Australië als dessert. 2800 km onversneden Aussie-plezier. Dinkie-die – de absolute waarheid – zeggen ze hier! 

  • Gerrit Op de Beeck
    Tekst & foto'sGerrit Op de Beeck

Niet zo lang geleden was Perth, de hoofdstad van West-Australië, ook de ongekroonde hoofdstad van de saaiheid. Het gebeurde allemaal in Sydney en Melbourne, niet in het nochtans met overvloedig zonlicht overladen en een laid-back lifestyle gezegende Perth. Maar omdat het leven cyclisch is, en de lokale economie zich beresterk ontwikkelde, transformeerde Perth zich met new money tot een verrassende kosmopolitische hoofdstad, waar oude wijken opgelapt en herontdekt werden, de waterlijn geherwaardeerd werd (project Elizabeth Quay), en talrijke nieuwe bars, eethuisjes, galerijen, prestigewinkels en twee designhotels de deuren openden. “We’re a boomtown”, zegt de in Italië geboren nachtreceptioniste, wanneer we net voor middernacht inchecken in het hippe Alex Hotel en merken dat we niet de enige gasten zijn die zo laat arriveren. “The West Coast is so cool, gents…” Vanop het dakterras op de zesde verdieping, waar het nog steeds 21 graden is, spoelen we met een frisse One Fifty Lashes Pale Ale de lange vlucht door. Achter ons draaien kranen boven werven en wolkenkrabbers in opbouw, terwijl beneden naast het hotel live muziek klinkt uit de talrijke bars, ondergebracht in de typisch Australische koloniale Victoriaanse laagbouw. “Perth aan de Swan-rivier is de slechtste plek ter wereld om een kolonie te starten”, schreef kapitein James Stirling - de ontdekker van Perth - ooit in zijn logboek. Een visie die later door Karl Marx in Das Kapital bevestigd werd. Maar in 2015 riep Monocle, toch een van de meest invloedrijke financieel-culturele magazines ter wereld, Perth uit tot een van de top-10 groeisteden ter wereld. “Van een slaperige outpost naar een toonaangevende boomtown getransformeerd”, kopte het blad. “Slechts weinig steden ter wereld slagen erin zichzelf zo heruit te vinden.”

The rising star

De volgende dag wordt alles duidelijk. We ontbijten blootvoets op het terras van de Alex, genieten van een voortreffelijk glas riesling in de Petition wijnbar, lunchen in de aanpalende Petition Kitchen (een bistro op wereldniveau), wandelen langs de nieuwe snuisterijenwinkels van de Northbridge-wijk, genieten van de zon in het grote park langs de waterlijn en dineren ’s avonds met Aziatische klasse bij Juanita’s. Groot-Perth staat voor twee miljoen inwoners (zowat één tiende van de totale bevolking van Australië) maar genereert wel bijna de helft van de totale nationale export. “Perth is God’s Country”, zei architect Nic Brunsdon daarover in dat fameuze Monocle artikel. “Laat aliens de beste plek ter wereld om te leven op een kaart kiezen, ze pinnen Perth!”

Bij een hevig ochtendlicht aanbeden door fotografen en langbenige, good-feeling meisjes onderweg naar kantoor, rijden we via Highway 8 Perth uit. We trekken naar het oosten, naar de outback. Perth, even ver van Indonesië als van Sydney, verdwijnt in onze achteruitkijkspiegel. In geen tijd houden autowegen op te bestaan en plots kleurt de aarde rond ons rood. Vijftien minuten geleden reden we nog door een charmante grootstad, nu moeten we opletten voor overstekende kangoeroes en road trains, de driedelige supertrucks die aan hoge snelheid over de Australische wegen donderen. Net wanneer de zon over haar hoogtepunt is en de schaduwen weer wat langer worden, rijden we Hyden binnen, een nederzetting van niets die maar één reden van bestaan heeft: Wave Rock. Hier, in de graanstreek van West-Australië, bevindt zich een van de opmerkelijkste rotsformaties van de staat: een grote, granieten golf van honderd meter lang en vijftien meter hoog, ontstaan uit een blootliggende aardlaag die duizenden jaren lang is geërodeerd. Door de regen zijn er rode en grijze strepen ontstaan, en het geheel wordt door de locals gekoesterd alsof het hun eigen Ayers Rock is. In het vijf kilometer verderop gelegen Wave Rock Motel (over de naam hebben ze blijkbaar niet te lang nagedacht) worden we welkom geheten door biljartende jackaroos – dingo lingo (Australisch dialect) voor veeboeren uit de outback - en leren we al snel dat je ’s avonds in de aanpalende Bush Bistro verwacht wordt je vlees zelf te grillen. “Wat ze zelf doen, doen ze beter”, moet men hier gedacht hebben.

Goudzoekers hometown

Het is een blij weerzien met Kalgoorlie. Twintig jaar geleden mocht ik hier een half uurtje uitstappen terwijl de roemrijke Indian Pacific-trein (hij verbindt de Indische met de Stille Oceaan, van Perth naar Sydney dus) er halt hield. De symbolische hoofdstad van de Goldfield-regio was een van de weinige stops van deze historische trein en ideaal om even de benen te strekken. Vandaag zien we de goudstad vanuit een heel ander perspectief. Anno 2018 telt Kalgoorlie bijna 30.000 inwoners, en dat heeft alles met de mijnen te maken. Om dat te begrijpen, rijden we meteen tot de Super Pit lookout, waar we uitkijken over een put van 3.500 meter lang, 1.500 meter breed en 570 meter diep. Dat open mijngat is zo indrukwekkend groot dat het zelfs vanuit de ruimte te zien is. Tot in 2016 was het trouwens de grootste open goudmijn van Australië, goed voor 28 ton goud per jaar. Het stof van de werf compenseren we in het historische Palace Hotel, een local landmark uit 1896, toen de goudkoorts hier volop woedde en Kalgoorlie meer dan honderd hotels telde. Vandaag is de bar op de eerste verdieping nog steeds een trekpleister, zowel voor arbeiders als reizigers op zoek naar een vleugje nostalgie en een lekkere frisse pint.    

Van het stof naar de zee

Australië is een land waar alles vroeg begint, maar ook vroeg stopt. Ontbijten om zeven uur is standaard, maar later eten dan 21 uur is onmogelijk. En om tien uur ’s avonds zijn de straten verlaten alsof het drie uur ’s nachts is. Dus gedragen we ons als Aussies, ontbijten om zeven uur met pancakes en bosvruchten bij The Blue Monkey – best coffee in town - en rijden bij een gouden (what’s in a name) ochtendlicht Kalgoorlie uit. “Hoe was de rit?” vraagt Heather, gastvrouw van de charmante Esperance B&B by the Sea, ons 410 km later. “Waarschijnlijk geen file, hé.”  We zitten op het terras en kijken uit op West Beach en de ganse Recherche-archipel. We hebben de rit non-stop op minder dan vijf uur afgelegd (110 is de maximumsnelheid) en daarnet een voortreffelijke burger gegeten bij Taylors Beach Bar. Nu serveert Heather ons een kop koffie, stippelt op een stadsplan de Great Ocean Drive-route langs de mooiste stranden voor valavond uit en bevestigt dat ze reeds bij Loose Goose, het beste restaurant in Esperance, reserveerde. Niet alleen haar B&B is award-winning, Heather zelf is dat ook.

Alles wordt groen

Hoe kan je beter je dag beginnen dan te ontbijten onder een staalblauwe hemel met zicht op zee? Terwijl Heather ons roereitje met bacon prepareert, stippelen we de route uit. We trekken vandaag verder noordwest langs de South Coast Highway. Er staan 479 kilometers op het programma, dwars door het Fitzgerald River National Park. Doel en tof bed voor de nacht: Albany, de oudste Europese nederzetting van West-Australië. Om achttien uur gaat de zon onder, en dan willen we binnen zijn. De rit is waar we van houden: een langgerekt asfalt langs halve outbacklandschappen, hier en daar een roadhouse voor benzine en/of een ijsje. Wanneer we Albany naderen, verandert het landschap drastisch. De Australische dorheid maakt plaats voor een wei- en heuvellandschap dat aan Schotland doet denken, groen is de nieuwe kleur en koeien vervangen kangoeroes. Albany heeft drie troeven, ontdekken we de volgende voormiddag: The Gap, The Natural Bridge en de nabijheid van de Stirling Ranges. De twee eersten bevinden zich quasi naast mekaar op zo’n vijftien kilometer buiten de stad. The Gap is een ruig stuk graniet dat luidens de overleving losbrak van Antarctica en hier dagdagelijks de strijd aangaat met het ruige zeewater van de Zuidelijke Oceaan. Golven beuken met een rotvaart in een lange, diepe kloof met opspattend water tot 25 meter hoog als gevolg. De locatie, onderdeel van het Torndirrup National Park, kreeg in 2016 nieuwe wandelterrassen en een zwevend uitkijkplatform op 40 meter boven zeeniveau, zodat het de met de dag toenemende bezoekersaantallen comfortabel én veilig kan hosten. De complexiteit van de stalen constructie kostte finaal meer dan vijf miljoen euro, maar de staat wil The Gap als een Nationaal Monument profileren.

Minder spectaculair, maar even mooi op een andere manier, is de 46 kilometer lange onverharde scenic drive door de Stirling Ranges, een smalle strook gebergte te midden de weilanden van wat men hier de Great Southern Region noemt, met een piek die net de duizend meter scheert. De weg – a dirty road in dingo lingo - doet ons terug aansluiten op Albany, waar we een tweede nacht in het Dog Rock Motel verblijven. Hier is niets wat het lijkt. Achter de façade van een motel als dertien in een dozijn schuilen gedesignde kamers; en het beste restaurant van de stad bevindt zich hier doodgewoon op de parking: Lime 303. De volgende dag cruisen we via de Lower Denmark Road het gelijknamige dorp binnen, nadat we onderweg een slow travel stop maakten op Cosy Corner Beach, een van de zovele paradijselijke stranden langs de kustlijn van de Zuidelijke Oceaan. De regio Denmark is een relatief nieuw wijngebied en compleet onbekend in Europa. Bij het domein Rockcliffe drinken we het aperitief –unwooded chardonnay; in Estate 807, dat ook restaurant Ajar exploiteert, lunchen we met uitzicht op de wijnranken. Een dag is snel gevuld wanneer je hem niet volpropt, zegt de wijsheid. Dus komen we compleet relaxed in de late namiddag aan de start van de Tree Top Walk, dé attractie van de Valley of the Giants. De naam laat vermoeden waar het hier over gaat: een nationaal park met gigantische bomen van 400 jaar oud, waarin ze op de mooiste plek metalen spanbruggen hebben geïnstalleerd, goed voor een wandeling van 600 meter die je tot 40 meter hoogte meeneemt tussen de toppen van de bomen. Wandelen als een vogel.  

Huwelijk van twee oceanen

In het charmante Pemberton drinken we de volgende ochtend Italiaanse koffie, gebracht door een Japanse jobstudente in een café dat Brasil heet. En de reep chocolade is Belgisch. Veel multicultureler gaat het niet worden vandaag. We schuiven steeds meer op naar het westen en dat merken we aan de dagtemperaturen. Aan Cape Leeuwin Lighthouse, driehonderd kilometer verder, bakt de zon deze unieke locatie naar hoogzomerse sferen. Hier vloeien de Indische en Zuidelijke oceaan in mekaar en dat inspireert de middenstand tot slagzinnen: ‘Where the oceans meet, all you can eat.” Die kelk laten we aan ons voorbijgaan, want er wacht verfijning. Slechts vijftig kilometer resten ons nog tot Margaret River, net als bijvoorbeeld Barossa Valley één van de iconische wijnregio’s van Australië, ook wel het Napa Valley van Down Under genoemd. In het stijlvolle Darby Park Serviced Residences hebben ze alvast een flesje cab-sauv (Australiërs slikken bijna alle woorden in, en zullen dus nooit cabernet sauvignon zeggen) van Howard Park klaargezet. Bij wijze van welkom. Wanneer we over wijnregio’s spreken, waar ook ter wereld, komen dezelfde eigenschappen op je af: je eet er goed, je slaapt er goed, je drinkt er goed. Margaret River bevestigt die regel alleen maar. Na een voortreffelijke nacht in onze duplexkamer gaan we vandaag voor een culinair drieluik.

Eerste stop: we zitten om acht uur met de voeten in het zand op het strandterras van The White Elephant, hét ontbijtcafé van de buurt. Dit instituut, elke dag geopend van half acht tot half twaalf voor alle genres brekkies (dingo lingo voor ‘breakfasts’), is the place to be. Komen sportende huisvrouwen hier hun flat white drinken na de ochtendloop, dan bestellen surfboys steevast roerei met spek. De sfeer is vlot ongegeneerd en werelds, de koffie van een zeer hoge kwaliteit en het eten verzorgd. Dan is Voyager Estate, ons geselecteerde wijnhuis voor lunch, iets formeler. Netjes in uniform gestoken gastvrouwen serveren er prima charcuterie- en kaasschotels op het terras, met een fles wijn naar keuze. We proeven hun gereputeerde chardonnay en genieten van het intieme kader. ’s Avonds gaan de decibels dan weer de hoogte in bij Morries, een hippe brasserie met een ‘buzzing atmosphere’, en met een wijnkaart die even indrukwekkend is als de menukaart. De maaltijden bestaan hier uit gecombineerde tapahapjes en die zijn, buiten verrassend fusion, vooral om duimen en vingers af te likken.    

Bier hier

Australië bulkt van de microbrouwerijen. De tijd dat VB het beste Down Under-pintje was, ligt ver achter ons. We onderbreken de slotrit naar Fremantle in het Mash Brewhouse in Bunbury, waar ze “seriously unserious” Copy Cat IPA tappen, een lokale variant op de hippe Indian Pale Ale. En het wordt nog beter in onze laatste stop, het gezellige Fremantle, appendix van rijzende ster Perth. Dit kustdorp met een schat aan historische panden, etaleert enerzijds een vleugje bohémien, anderzijds een snuifje Victoriaans. Little Creatures, het nec plus ultra in de hedendaagse Australische bierwereld, is een van die plekken waar al die soorten mensen elkaar naadloos vinden, met als hoofddoel van het leven genieten. De brouwerij is ondergebracht in een historische havenloods, technisch werd doodgewoon alles achter glas geplaatst, en centraal verrees een immense verbruikzaal waar je niet alleen alle bieren van het vat kan drinken, maar ook deftig kan eten met houtovenpizza als dé specialiteit. Eenzelfde touch and feel, maar dan met brood als centraal thema, is Bread in Common. Dit restaurant annex bakkerij, delicatessenzaak en wijnbar opende drie jaar geleden de deuren in een geklasseerd pand uit 1898. Sindsdien is het zeven op zeven geopend voor lunch en diner, tijdens het weekend zelfs vanaf acht in de ochtend voor ontbijt.

Cappuccino en een glas chardonnay

De laatste ochtend van onze reis laten we ons eerst beroven van onze vrijheid in de gevangenis van Fremantle, 136 jaar lang een oord om te mijden – en van schande voor wie tussen de regels leest - na de sluiting in 1991 gerenoveerd tot museum. In 2010 werd het de allereerste locatie in West-Australië die geklasseerd werd als Unesco-werelderfgoed, sindsdien is het een gerespecteerd nationaal monument. Na de opsluiting vieren we de herwonnen vrijheid bij Gino’s, nog zo’n culinair topadresje. Centraal gelegen op wat hier de Cappucino Strip heet, serveert het 35 jaar oude café zeer waarschijnlijk de beste koffie van de stad. Achter de toog wordt Italiaans gesproken en vele vaste klanten hoeven alleen even met het hoofd te knikken om hun vaste bestelling geserveerd te krijgen. Eindigen doen we in schoonheid, maar met een lichte maaltijd, want de terugvlucht via Hongkong vertrekt vroeg in de ochtend. Dus opteren we voor een kaasplank en een fles Leeuwin Estate Art Series Shiraz bij wijnbar Whisper. Achter de toonbank hangt geen klok, maar een bordje: ‘Oh, it’s wine o’clock!’. No worries, mate.

Praktisch

Australië is het op vijf na grootste land ter wereld, en het grootste eiland. Het is tevens het enige eiland dat tegelijk een werelddeel is, en het enige werelddeel dat ook een staat is. Het was het eerste werelddeel dat vanuit zee veroverd is, en ook het laatste. Wie het land doorreist, zal bijzonder gecharmeerd zijn door de veilige ‘no worries’-sfeer.

Klimaat: West-Australië is zeer mild en droog, uitgezonderd in onze zomermaanden. Dan is het daar winter, en zijn de nachten koel. Ideaal is dus het schouderseizoen van maart tot en met mei, oktober en november. De eindejaarsperiode is zeer aangenaam, maar druk en duurder.

Goodbye reisde met Cathay Pacific. Deze luxecarrier biedt uitstekende verbindingen aan naar Perth. De maatschappij zet op haar Down Under-vluchten de nieuwe A350 in. De aansluitingen via Hongkong met Brussel zijn zeer goed en het inflight-comfort behoort tot het beste ter wereld. Wie wil, kan de reis onderbreken in de voormalige Britse kroonkolonie Hongkong, het New York van Azië. Cathay Pacific is een zeer aanbevolen vliegproduct!

Deze reis werd à la carte uitgetekend door de gespecialiseerde touroperator Aussie Tours, dé ‘directe verkoop’-specialist voor Down Under-tochten in alle prijsklassen. De riante brochures zijn enkel rechtstreeks bij de touroperator verkrijgbaar. www.aussietours.be
 

Volg ons op Instagram

Volg @goodbyemag voor leuke tips en bloedmooie vakantie hotspots!

volg ons

Abonneer voordelig!

  • 4 magazines
  • GRATIS levering

abonneer

Deze website maakt gebruik van verschillende type cookies. Hier vind je meer informatie. Akkoord