Web Analytics
Terug naar overzicht

Goesting in Georgië

Het voelt niet helemaal aan als Europa, maar ook niet als Azië. Georgië ligt op het kruispunt van Oost-Europa en West-Azië en combineert het beste van verschillende werelden: verrassende fusiongerechten, sensationele natuur, uitdagende wandelpaden, oneindige toasts en legendarische gastvrijheid.

  • Tine Hemeryck
    Tekst & foto'sTine Hemeryck

Of ik al iets zie? Ik schud mijn hoofd. We zijn al een dik uur steil omhoog aan het klimmen vanuit het dal van het slaperige Stepantsminda, in het noordoosten van Georgië. Onze bestemming ligt op de westelijke bergflank van de vallei, 500 meter hoger. Het is een van de meest gefotografeerde, meest gepubliceerde en meest bezochte trekpleisters van het land: Gergeti Trinity Church. Het laatste stuk van de wandelroute stelt ons geduld op de proef. Op het monotone weggetje is weinig anders te zien dan dichte bossen. In de jaren '80 werd een kabellift van het dal naar boven na veel boegeroep weer afgebroken omdat het door de inwoners als heiligschennis werd beschouwd, maar de nieuwe parking naast de kerk is dan weer geen probleem: eind 2018 werd de 5,6 km lange weg vanuit Stepantsminda naar het iconische kerkje geasfalteerd. Die update was ons ontgaan, maar de ontgoocheling is van korte duur. Niet zozeer het kerkje zelf, maar de locatie is subliem: het bescheiden bouwwerk prijkt hoog op een bergkam, tegen het decor van de machtige Kazbeg, een van de hoogste en meest sprekende toppen van de Kaukasus (5.047 m). Van hier zie je ook Stepantsminda, diep verstopt in het dal. Terwijl het gros van de toeristen op dit punt weer rechtsomkeer maakt, zetten wij de klim verder naar de Gergeti gletsjer, nog eens 1.000 meter hoger. Het hellende pad gaat meedogenloos omhoog, maar het omringende panorama houdt ons op de been. Als er iets is wat je al snel leert in dit land, dan is het om niet op een blaar meer of minder te kijken.

Europese charme in een Sovjetdecor

Over Georgië als toeristische bestemming valt verrassend weinig te lezen. Reisgidsen betrekken er meteen ook de buurlanden Armenië en Azerbeidzjan bij, alsof Georgië zelf te weinig te bieden zou hebben. Maar die beperkte ruchtbaarheid heeft zo zijn voordelen. Van de ommuurde oude stad Signagi die boven de uitgestrekte Alzanivallei uittorent en met zijn talrijke cipressen een beetje Toscaans aanvoelt, tot de verlaten grottenstad Uplistsikhe aan de Mtkvaririvier met zijn indrukwekkende kamers en geheime tunnel: Georgië is een opeenstapeling van hoogtepunten en toch is het nergens op de koppen lopen. Zelfs bij de talrijke kloosters en kerken waar het land zo beroemd voor is, zoals het Jvari-klooster over Mtskheta en het David Gareji-klooster tegen de grens met Azerbeidzjan, blijven de massa’s uit. Ter vergelijking: in 2018 ontving Georgië 8 miljoen toeristen, Parijs ontving er in datzelfde jaar 19,1 miljoen... De meeste toeristen blijven dan ook nog eens in de hoofdstad Tbilisi plakken. Toegegeven: de vele slecht onderhouden wegen zitten er mogelijk ook voor iets tussen, net zoals het gevaarlijke rijgedrag van de Georgiërs. De kreupele honden die onderweg om hapjes komen schooien zijn daar een voortdurende reminder van…

Tbilisi zelf is een intrigerende mix van een Europese vibe, relaxte zuiderse charme en een eigenzinnig Sovjettrekje. Enerzijds kan je niet naast de jonge hipsters kijken die op terrassen chillen met een Turkse waterpijp, anderzijds houden schuifelende oude koppels je op straat tegen om een praatje met je te slaan, zelfs al leg je met handen en voeten uit dat dat je er geen snars van begrijpt. Ook de gebouwen zijn een boeiende mengeling van iconische herenhuizen naast futuristische bouwwerken, kunstgaleries naast vlooienmarkten en hippe bakkerijen naast traditionele Georgische eethuisjes waar de lampionnen van kleur veranderen en de tapijten aan de relingen hangen. Het leven in de Kaukasus-metropool beperkt zich niet tot het dal: de straten dijen verder uit over de omringende bergflanken, ideaal voor gevarieerde wandelingen en panoramische vergezichten over de Kura-rivier.

Kleurenspektakel in de Trusovallei

Voorbij Stepantsminda meldt een nieuw hoogtepunt zich aan: de Trusovallei, in de kloof genesteld van de onstuimige Tergi-rivier. Een stoffig wandelpad leidt ons door het stuk waar de kloof op zijn smalst is en zodra de rivier een scherpe bocht maakt, geeft de brede vallei haar mooiste geheimen prijs. Het is een waar geologisch kleurenspektakel: heuvelflanken in allerlei tinten groen, fragmenten van oranje en witte kalksteen gevormd door minerale bronnen en af en toe een badende koe die de blauwe schakeringen van het stromende water onderbreekt. Zelfs de besneeuwde top van de Kazbeg laat zich zien. “Wat vind je ervan?”, vraagt een varkensboer met een geïmproviseerd cafeetje op zijn landgoed ons. Spontaan zeg ik ‘good’ en steek ik mijn duim omhoog, de man grijpt mijn hand vast en wrijft zijn vingers tegen elkaar boven mijn opgestoken vinger, alsof hij er denkbeeldig zout over strooit. “Niet gewoon goed, maar supergoed!", lacht hij. Het typische gebaar wordt hét symbool van onze reis: prachtig, met een snuifje zout.

Goddelijke interventie

Tien kilometer en enkele verlaten dorpjes verder in de vallei, is een herder zijn koeien aan het drijven. We zijn de enige toeristen in de wijde omtrek en de man blijkt even nieuwsgierig naar ons als wij naar hem. Alek en zijn vrouw zijn van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat in de weer om de koeien te melken en kaas te maken, die hij vervolgens verkoopt in Tbilisi en Rusland. De man komt uit Azerbeidzjan maar woont en werkt de helft van het jaar met zijn gezin in de Trusovallei, samen met zestig koeien, een tiental zwijnen en een stelletje kakelende kalkoenen. De andere maanden gaan de koeien op stal in Tbilisi en werkt Alek als chauffeur in Turkije, om zijn vakantie te kunnen betalen in Azerbeidzjan. We fronsen onze wenkbrauwen, maar een nomadisch leven als het zijne is in deze omstreken volstrekt normaal, verzekert hij. We mogen binnenkijken in zijn woonst, een van de laatste huizen in de vallei voor de natuur het helemaal overneemt. De hele woonkamer ruikt naar melk en achter lange witte gordijnen liggen de kilo’s kaas op elkaar gestapeld. In de kamer zelf staat niet veel meer dan een tafel met wat stoelen. Aleks vrouw vult enkele kopjes kruidenthee terwijl hun zoon en dochter van 6 en 8 ons gefascineerd gadeslaan vanuit het deurgat. “Hebben jullie al een slaapplaats?”, vraagt Alek. Hij wist naar de trap en zegt dat we gerust bij hen mogen overnachten. “Elke gast is een geschenk van God,” zegt men in Georgië. Het cliché is waar: gastvrijheid voelt nergens zo warm als in Georgië. 

Fruitleder en Georgische snickers

Waar je ook bent in Georgië, overal bieden mensen langs de weg karrenvrachten vol lekkers aan, van watermeloen en zelfgemaakte honing tot huisgemaakte snacks en alcoholische dranken. Het meest bijzondere moet wel het vele fruit zijn dat je voor een prikje in allerlei variaties op de kop kan tikken: vers geperst granaatappelsap, blauwe bessen en frambozen als amuse-bouche in een beker of gekonfijte stukjes kiwi, citroen, appel en mango. Aan veel kraampjes zie je ‘churchkela’ of Georgische snickers in kleurrijke bundels aan touwtjes hangen. Het zijn walnoten of hazelnoten, overgoten met het sap van druiven of een andere vrucht. We hoeven er maar naar te kijken of de verkopers zijn al met hun mes in de weer om ons een stukje te laten proeven. En dan is er nog ‘tklapi’, gepureerd fruit dat fijn wordt gerold en gedroogd in de vorm van een dunne pannenkoek. Het duurt even voor ik me aan zo’n snack waag – de bijnaam ‘fruitleder’ doet je niet bepaald watertanden – maar gaandeweg geraak ik verknocht aan de zoetzure variant met frambozen.

Say cheese … en tapas

Aan tafel gaat het culinair genot gewoon verder, voor belachelijk weinig geld bovendien. De Georgische keuken is een fascinerende fusie van smaken uit Europa, Azië en het Midden-Oosten. Je bestelt verschillende kleine gerechten op de kaart en deelt ze vervolgens met je tafelgenoten als koude of warme tapas. Kaas is een vaak terugkerend ingrediënt, net als deegwaren en bonen. Khachapuri, het nationale broodgerecht met kaas en ei, pronkt bijna altijd op de kaart, net als khinkali (dumplings gevuld met aardappel of lokale sulguni kaas), chvishtari (maisbrood met kaas) en lobiano, bladerdeeg gevuld met bonen (niet te verwarren met lobio, een bonenstoofpotje met koriander. Liever lichter? De typische Georgische salade, rauwe tomaten en komkommer, klinkt voor foodies misschien weinig uitdagend, maar de walnotendressing die telkens over de salade is gegoten is om je vingers af te likken. 

 

Urban exploring in ex-Sovjetkuuroorden

Iedereen heeft zo zijn mening over het water in Georgië. Het hele land is bezaaid met fonteintjes en toch halen toeristen liever bergen plastic flessen uit de winkelrekken. Tijd dus voor een fact check: het bronwater is heerlijk en drinkbaar! Met meer dan 2.000 mineraalrijke bronnen heeft het land trouwens al eeuwenlang een bijzondere band met water. De beroemdste liggen in Borjomi, maar onze nieuwsgierigheid brengt ons naar een minder bekend kuuroord: Tskaltubo nabij Koetaisi, de tweede grootste stad van het land. In de jaren '40, in de hoogdagen van de Sovjet-Unie, spendeerden Russen massaal hun tijd en hun geld om in Ktsaltubo te baden in het licht radioactieve bronwater met een constante temperatuur van 35°C. De stad telde destijds 20 sanatoriums, 9 badhuizen en tal van sterrenhotels. Na de val van de USSR in 1991 bleven de rijke Russen weg en raakte de badplaats in verval. De meeste gebouwen zijn vandaag nog altijd leeg en verloederd, al herstellen rijke Chinese investeerders de hotels en spa’s met mondjesmaat weer in hun oude glorie. Het klinkt triest en fascinerend tegelijk. Zodra we in Tskaltubo zijn rijden we door riante lanen, voorbij elegante groene perken en adembenemende gebouwen in majestueuze Sovjetarchitectuur. Van ver ziet het er allemaal geweldig uit, maar zodra je dichterbij kijkt dringt de realiteit zich op. De deuren en ramen zijn kapot, de muren zijn bezaaid met graffiti, de beeldhouwwerken zijn overwoekerd en welig tierend onkruid kruipt langs de gebarsten voegen in de gevels naar boven. Aan een opgedroogde fontein voor een van de gebouwen staat een standbeeld van een vrouw die de handen voor de ogen slaat, alsof ze zich schaamt. Hier en daar wijzen oude schotelantennes en wasdraden op een teken van leven. Toen in 1992 de burgeroorlog uitbrak in Abchazië, een ministaatje in het westen van het land, werden duizenden Georgiërs ontheemd. Ze gebruikten de verlaten sanatoria van Tskaltubo als schuilplaats. Sommigen wonen er na 28 jaar nog altijd.

Op de koffie in niemandsland

Terwijl buiten een onweer op losbarsten staat, gaan we voorzichtig een van de hotels binnen. Vanuit een open raam steekt een silhouet uit om dan even snel weer te verdwijnen als duidelijk is dat onze aanwezigheid geen bedreiging vormt. Binnen in het hotel horen we spelende kinderen giechelen. Onze eerste reflex is om de bewoners hun privacy te gunnen, maar een vrouwenstem roept ons in het Russisch toe. “Kom toch dichterbij! Wees welkom!” In de gang schilfert de verf van de muren, elektriciteitsdraden lopen in een rommeltje van de ene kamer naar de ander en op de deuren zitten zelfgemaakte sloten. Twee kinderen lopen in hun ondergoed heen en weer met een emmer water om een geïmproviseerd zwembadje in de gang te vullen. Vanuit een van de kamers speelt een oude televisie en schiet een waterkokertje pruttelend in gang. Marina komt tevoorschijn, maant haar kleinkinderen gemoedelijk aan tot stilte en nodigt ons uit om plaats te nemen in de gang. Ze zet zelfgemaakte chvishtari en chicorei koffie op tafel. “Ik was 38 toen ik uit Abchazië moest vluchten tijdens de oorlog”, vertelt ze spontaan, terwijl ze een verwoede poging doet om het jongetje weer aan te kleden. Ze werd van haar zussen gescheiden en belandde met haar vader, man en zoon in Tskaltubo. Als ze naar de kamer wijst waar haar vader en man stierven, wordt het even stil. Het jongetje wringt zich uit haar armen los en glijdt van haar schoot en grijpt naar een notitieboekje op de vensterbank. “Hierin staan de data, namen en nationaliteiten van alle toeristen die bij mij langskomen”, zegt Marina. “Gisteren had ik nog twee Amerikanen over de vloer, vandaag zijn jullie mijn eerste gasten.” Uit een verweerd doosje haalt ze foto’s van haar familie, kleine souvenirs die toeristen voor haar achterlieten en een stapeltje reclameboekjes uit 1998 van Tskaltubo, met witgeverfde hotels, mooi opgetutte mensen en dure auto’s voor de oprijlanen. “Als ik ooit een appartementje heb aan de kust, mogen jullie je bij mij logeren.”

Wijn, ramshoornen en nog meer wijn

Georgiërs houden van eten, maar mogelijk houden ze nog meer van drinken. Het dringt pas goed en wel tot ons door dat Georgië het oudste wijnland is van Europa, als we de ontelbare vruchtbare valleien en wijnhuizen voorbijrijden. De diversiteit aan druivensoorten die in Georgië groeit is haast niet te vatten: meer dan 500 zijn het er, waarvan een heleboel onbekend in het Westen. Van alle druivensoorten is de saperavi veruit de bekendste en de meest unieke: het vel en het sap van de blauwe druif is zo donkerrood, dat de wijn zwart kleurt in plaats van rood. Locals hebben zo hun eigen verklaring over hoe het komt dat hun wijnen in België zo weinig gekend zijn. “We drinken de wijn op in plaats van erover te praten.”

Georgiërs drinken vooral witte wijn en maken die nog volgens de eeuwenoude tradities: het druivensap wordt onder de grond gefermenteerd op natuurlijke wijze, in een speciaal kleivat of ‘qvevri’. De zaden, steeltjes en schillen van de inheemse witte druiven blijven tijdens dit proces gewoon in het sap, waardoor de wijn langzaam oranje kleurt. Het resultaat is een unieke Georgische amberwijn, licht als witte wijn, maar met de tannine van rode wijn. Speciaal voor ons maakt onze volgende gastfamilie nabij Shiatura de qvevri in hun tuin open: het natte zand en het klei over het deksel wordt weggeschept en de kruik, bijna tot op de rand gevuld met 1.200 liter wijn, wordt zichtbaar. Terug aan tafel haalt Inga, de vrouw des huizes, een ramshoorn van de muur. Ze schenkt er de amberwijn in, neemt een slok en laat de hoorn vervolgens een rondje doen aan tafel. “Zo deden we dat in de oudheid, vandaag komt de hoorn enkel nog van de haak op speciale gelegenheden.”

Sterke tsjatsja en oneindige toasts

Niet elk gezin in Georgië heeft een qvevri in de tuin, maar een ander drankje is wél in elk huishouden te vinden: tsjatsja. De sterkedrank, vergelijkbaar met Italiaanse grappa, wordt gemaakt met het pulp dat overblijft na het uitpersen van vruchten zoals druiven, maar net zo goed van ander fruit. Het alcoholpercentage loopt na destillatie makkelijk op tot 70%, maar dat weerhoudt Georgiërs niet om aan de lopende band toasts uit te brengen. Van zingende monniken tot wegarbeiders die vieren dat hun maandloon is gestort: onze onvoorziene ontmoetingen resulteren bijna altijd in het drinken op de vrede, op de liefde, op het kameraadschap. Denk vooral niet dat je ervan af bent door de tsjatsja even snel achterover te slaan: elk leeg glas is een reden om het opnieuw te vullen … en opnieuw te toasten. Maar aangeschoten of niet: het zijn best hartverwarmende momenten om proostend de armen in elkaar te haken, het glas te heffen op elkaars geluk en elkaar drie smakken op de wangen te geven, mannen en vrouwen gelijk. Hoe meer gedronken wordt, hoe gevoeliger de toasts… en hoe natter de kussen.

Magnifiek Mestia

De laatste etappe van onze trip brengt ons naar de historische provincie Svanetië, in het noordwesten van Georgië. Voor 2013 was de weg naar Mestia, de hoofdstad van de regio, nog een aardeweg waar enkel de meest toegewijde toeristen zich aan waagden, tot president Mikheil Saakashvili ze liet asfalteren. Mestia is vandaag een ideale plek voor allerlei bergwandelingen. Het modern en vrij toeristisch opgezet centrum waar ’s avonds de livemuziek vanop het balkon van een handjevol restaurantjes schalt, gaat vloeiend over in een ouder, pittoresk gedeelte met kasseistenen steegjes, de typische middeleeuwse Svan torens die de horizon tekenen en koeien die vrij door de straten dwalen. Terwijl mijn vriend in ons gastverblijf een virus uitzweet en de gastvrouw hem met de grootste zorg de vreemdste huisgemaakte middeltjes toedient – ik kan de geur van zijn in azijn gedompelde kousen nog altijd ruiken – dropt een taxi ons af in een verder gelegen dorp. Het 22,5 kilometer lange pad keert van Mazeri via de Guli Pass (2.961 m) weer terug naar Mestia. Het is een van de meest uitdagende maar mooiste wandelingen van onze trip: 2.060 meter klimmen om vervolgens weer 1.380 meter te dalen in het gezelschap van de Kaukasus en Mount Ushba, de meest karakteristieke berg van Svanetië.  

Het hoogst bewoonde dorp van Europa

We bevinden ons op negen uur rijden van hoofdstad Tbilisi met nog één uitdaging te gaan: de rit naar Usghuli, nog een tiental kilometer verder van Mestia én 600 meter hoger gelegen. De onverharde bergweg is gelukkig niet zo intens als de 4x4-baan naar de Koruldi-meren even verderop, waar zelfs de lokale taxi’s om de zoveel tijd halt moeten houden om de motor af te laten koelen. Toch doen we nog altijd 2 uur over amper kilometer en ziet onze auto er na afloop uit alsof we een rally hebben gereden. Usghuli is een verzameling van vier dorpen met veertig middeleeuwse Svan torens in de schaduw van de imposante Shkhara-gletjser. Het is de hoogste, permanent bewoonde nederzetting van Europa, zo puur en ongekunsteld dat het sinds 1996 op de Unesco-werelderfgoedlijst staat. Het bezoek lost alle verwachtingen in, maar ik kan het intussen met zekerheid zeggen: er zijn nog zoveel meer charmante plekken in Georgië die voldoen aan die omschrijving, waar de bergen en het groen net zo magisch zijn, de mensen net zo vrijgevig en de sfeer net zo innemend. Allemaal met een snuifje zout, natuurlijk.

De Georgië-tips van Goodbye

Overnachten in Tbilisi

Tiflis Inn Boutique hotel: uniek ingericht in 19e-eeuwse stijl. www.facebook.com/TiflisInn

Overnachten in Mestia

Chartolani #4: overdekt balkon met prachtig uitzicht over de stad

Georgische wijnen proeven in Signagi

The Pheasant’s tears winery- www.pheasantstears.com

Volg ons op Instagram

Volg @goodbyemag voor leuke tips en bloedmooie vakantie hotspots!

volg ons

Abonneer voordelig!

  • reisreportages over de mooiste vakantiebestemmingen
  • de knapste logeeradressen en lekkerste adresjes
  • tientallen tips voor een vakantie dichtbij of ver weg

abonneer

Deze website maakt gebruik van verschillende type cookies. Hier vind je meer informatie. Akkoord